Nederland heeft een groeiend probleem met jeugdcriminaliteit. Niet alleen op straat, maar ook in de klas, op sociale media en in de statistieken. Jongeren worden vaker verdacht van wapenmisdrijven, scholen schorsen meer leerlingen vanwege wapens en de politie neemt steeds vaker messen en vuurwapens in beslag bij minderjarigen. Volgens RTL Nieuws steeg het aantal minderjarige verdachten van wapenmisdrijven vorig jaar naar een record. Ook het aantal schorsingen op scholen vanwege wapens bereikte het hoogste niveau in jaren.
Tegelijkertijd laat onderzoek naar jeugdcriminaliteit al jaren een ongemakkelijke werkelijkheid zien: jongeren met een migratieachtergrond zijn in vrijwel alle Europese landen oververtegenwoordigd in criminaliteitscijfers. Dat geldt ook voor Nederland. Het onderzoek Jeugdcriminaliteit onder migranten van het Kennisplatform Integratie & Samenleving stelt expliciet dat jongeren met een migratieachtergrond vaker voorkomen in statistieken over jeugdcriminaliteit. Daarbij zijn er duidelijke verschillen zichtbaar tussen herkomstgroepen.
Jeugddelinquenten en migratieachtergrond
Het onderzoek laat zien dat migrantenjongeren in Europa vaker betrokken zijn bij delicten dan jongeren zonder migratieachtergrond. Opvallend is dat dit niet beperkt blijft tot lichte vergrijpen. Migrantenjongeren scoren hoger bij verschillende typen delicten, variërend van vandalisme tot afpersing, van straatroven tot zwaar geweld.
Ook binnen migrantengroepen bestaan verschillen. In Nederland blijken jongeren met een Turkse achtergrond vaker betrokken bij geweldsdelicten. Jongeren met een Marokkaanse achtergrond komen juist vaker voor bij vermogensdelicten. Daarnaast worden Marokkaans-Nederlandse en Antilliaans-Nederlandse jongeren in het onderzoek genoemd als groepen die al langer oververtegenwoordigd zijn in criminaliteitscijfers en in justitiële jeugdinrichtingen.
De cijfers zijn bovendien fors. Binnen het internationale ISRD-2 onderzoek, waar ruim 68.000 jongeren uit 30 landen aan deelnamen, had bijna één op de vier jongeren een migratieachtergrond. In de Nederlandse onderzoeksgroep lag dat aandeel op 35 procent, waarvan ruim driekwart tot de tweede generatie behoorde. Belangrijker nog is dat het onderzoek laat zien dat eerste en tweede generatie migrantenjongeren vaker zelf delicten rapporteren dan jongeren zonder migratieachtergrond. Van de eerste generatie gaf 40 procent aan ooit een delict te hebben gepleegd, bij de tweede generatie was dat 42 procent, tegenover 34 procent bij jongeren zonder migratieachtergrond. Deze oververtegenwoordiging gold zowel voor lichtere als ernstigere delicten, en voor zowel geweld- als vermogensdelicten.
Deze cijfers vragen om eerlijkheid. Wie jeugdcriminaliteit serieus wil aanpakken, moet durven benoemen waar de problemen zich concentreren. Wegkijken helpt niemand. Niet de slachtoffers. Niet de buurten. Niet de scholen. En ook de jongeren zelf niet.
Migrantengroepen als geheel
De oververtegenwoordiging beperkt zich bovendien niet tot jeugdcriminaliteit. Ook bij volwassenen zien we vergelijkbare patronen terug, onder meer bij seksuele misdrijven. Uit CBS-data blijkt dat mannen uit verschillende niet-westerse migrantengroepen aanzienlijk vaker verdacht zijn van seksuele delicten dan autochtone Nederlanders. Bij mannen van Somalische afkomst lag het aantal verdachten van seksuele misdrijven zelfs ruim twintig keer (!) hoger dan bij autochtone mannen. Ook bij Afghaanse, Iraakse, Eritrese, Iraanse en Syrische mannen lagen de cijfers aanzienlijk hoger.
Daarnaast tonen eerdere CBS-cijfers aan dat niet-westerse mannen tussen de 12 en 45 jaar structureel vaker verdachte zijn van seksuele delicten dan autochtone Nederlanders. Bij sommige groepen lag die oververtegenwoordiging meerdere keren hoger. Vooral mannen met een achtergrond uit de voormalige Nederlandse Antillen, Marokko en Suriname kwamen in deze cijfers opvallend vaak naar voren. Volgens onderzoeker Jan van de Beek zijn deze verschillen extra relevant omdat veel migranten op termijn de Nederlandse nationaliteit krijgen, waardoor cijfers puur op nationaliteit uiteindelijk een vertekend beeld kunnen geven.
Tekst gaat verder onder de afbeelding
Deze cijfers laten zien dat het probleem breder is dan alleen jeugdcriminaliteit. Ook onder volwassenen bestaan duidelijke verschillen in criminaliteitscijfers tussen bevolkingsgroepen. Dat vraagt om eerlijk debat en beleid dat niet wegkijkt voor ongemakkelijke statistieken.
De straat verhardt
De zorgen zijn extra groot door de toename van wapenbezit onder jongeren. Volgens RTL Nieuws zijn de cijfers over wapenbezit en wapengebruik “alarmerend”. De politie nam een recordaantal verboden wapens bij minderjarigen in beslag. Het gaat vooral om messen, maar ook steeds vaker om vuurwapens, waaronder omgebouwde gaspistolen. Die wapens worden volgens een vuurwapenexpert van de politie onder meer via sociale media verhandeld, waar jongeren ze anoniem kunnen verkrijgen.
Dat geweld beperkt zich allang niet meer tot ruzies op straat. Jongeren worden steeds vaker ingezet binnen criminele netwerken en bendes. Vooral in landen als Zweden loopt de situatie volledig uit de hand. Daar kampt men al jaren met explosies, liquidaties en jonge bendedaders. Volgens de Zweedse regering worden steeds jongere jongens ingezet omdat zij makkelijk te beïnvloeden zijn en tot nu toe nauwelijks strafrechtelijk konden worden
De Zweedse aanpak
Zweden verlaagt daarom deze zomer de strafleeftijd naar 13 jaar. Een kind dat schuldig wordt bevonden aan moord kan daar straks tot twee jaar cel krijgen, een 14-jarige zelfs tot vier jaar.
Het land bouwt inmiddels speciale jeugdgevangenissen om minderjarige bendeleden op te sluiten. In Rosersberg, ten noorden van Stockholm, worden complete afdelingen ingericht voor jonge delinquenten van 13 en 14 jaar. Volgens de Zweedse overheid is de situatie zo ernstig geworden dat hard ingrijpen noodzakelijk is.
De Zweedse aanpak laat zien hoe snel jeugdcriminaliteit kan escaleren wanneer de overheid jarenlang te slap optreedt. Wat begint met straatterreur en wapenbezit, eindigt uiteindelijk in bendeoorlogen en kindsoldaten.
Campagnes werken niet
De Nederlandse overheid reageert al jaren met campagnes, posters, inleveracties en goedbedoelde slogans. Maar de resultaten zijn verbijsterend slecht. Het actieplan Wapens en Jongeren uit 2020 had als doel om het aantal wapenincidenten binnen twee jaar met een kwart terug te dringen. Het tegenovergestelde is gebeurd: sinds 2019 zijn de cijfers over wapenmisdrijven niet gedaald, maar gestegen. Het aantal minderjarige verdachten van wapenmisdrijven nam met 20 procent toe.
Experts zijn hard in hun oordeel. Het beleid heeft gefaald. Volgens Ferwerda lacht de doelgroep om reclamespotjes en posters. Ook waarschuwt onderzoeker Frank Weerman dat algemene voorlichting en inleveracties nauwelijks effect hebben en zelfs het gevoel van onveiligheid kunnen vergroten.
Stop met wegkijken
Forum voor Democratie vindt dat veiligheid begint met het erkennen van de werkelijkheid. Als bepaalde groepen jongeren structureel oververtegenwoordigd zijn in criminaliteitscijfers, dan moet de politiek dat benoemen. Alleen door feiten onder ogen te komen, kunnen we de veiligheid van Nederlanders beschermen.
Dat betekent een harde aanpak van jeugdgroepen, wapens en herhaald crimineel gedrag. Het betekent ook dat politie, justitie en gemeenten niet langer moeten doen alsof algemene campagnes voldoende zijn. De cijfers laten zien dat die aanpak niet werkt.
Nederlanders hebben recht op veilige straten, veilige scholen en veilige buurten. Ouders moeten hun kinderen zonder angst naar school kunnen sturen. Jongeren moeten beschermd worden tegen criminele groepen die wapens normaliseren. En daders moeten merken dat misdaad gevolgen heeft.
De plannen van FVD voor een veiliger Nederland:
- Altijd genoeg gevangenisplaatsen: We breiden gevangenissen uit, zodat er altijd voldoende cellen zijn en straffen volledig kunnen worden uitgezeten We breiden gevangenissen uit, zodat er altijd voldoende cellen zijn en straffen volledig kunnen worden uitgezeten.
- Zwaardere straffen: Minder taakstraffen, meer gevangenisstraffen. Zwaardere straffen voor ernstige gewelds- en zedendelicten en recidivisten eerder vastzetten, zodat misdadigers weten dat criminaliteit écht consequenties heeft.
- Denaturalisatie en uitzetting criminelen: We trekken de nationaliteit in van dubbele paspoorthouders bij ernstige misdrijven en zetten criminele asielzoekers direct uit, zodat Nederland veiliger wordt.
- Profileren bij opsporing: We laten politie profileren op basis van statistisch relevante categorieën, zodat opsporing sneller en doelgerichter verloopt.
- Familie criminele asielzoekers uitzetten: We stellen ouders van criminele asielzoekers aansprakelijk voor het wangedrag van hun kinderen en beëindigen in voorkomende gevallen ook hun procedures, zodat zij zelf corrigerend gaan optreden.
Waardeert u wat we doen? Overweeg dan een donatie om ons werk te steunen! Dat kan door hier te drukken.
